zondag 8 december 2019

Zal ik of zal ik niet?








Zal ik, zal ik niet? Ik bedoel, mijn kerstboompje optuigen? Wat valt er nog te vieren zonder mijn lieve dierbare moeder en zus? Maar misschien voor een beetje sfeer en in memoriam aan hun? Of zal de aanblik ervan me teveel pijn doen en nog meer dan ooit doen beseffen dat ze er echt niet meer zijn?
Kerstfeest, het feest van mijn moedertje waaraan zij altijd zoveel belang hechtte en wilde dat wij er altijd waren met die dagen. En we hebben die traditie altijd in stand gehouden en er altijd met elkaar zo van genoten.
Zelfs het horen van kerstliedjes doet me pijn en rouw, rouw overvalt je op de meest onaangekondigde momenten. Dan moet je je tranen zien weg te slikken en zo gauw mogelijk een veilig onderkomen zien te zoeken waar je even niets hoeft tegen te houden.
Ik zou zo graag nog even met ze willen babbelen, willen lachen, dicht bij ze willen zijn, maar helaas … De tijd nam met wrede en gulzige handen en slokte alles zomaar op.

Vorig jaar geen kerstkaarten verzonden, ik kon dat toen niet opbrengen.
Met de moed der wanhoop dit jaar maar wel weer gedaan. Je wil toch die mensen die nog wat voor je betekenen niet vergeten en ze toch alle goeds toewensen voor het nieuwe jaar.

Ben wel uitgenodigd voor 1e kerstdag door Anneroos, mijn andere zusje, maar dan moet ik wel opgeknapt zijn en de rit naar Heiloo aan kunnen. En het weer moet natuurlijk ook mee zitten.  Het is natuurlijk ontzettend lief van haar om mij niet te vergeten en gelukkig heb ik nog wat steun aan haar.

Enfin, het weer met de kerst maar afwachten en natuurlijk mijn conditie. Gelukkig voelde ik mij vanmorgen al wat beter. Ietsje meer lucht en hopen dus dat ik de goede kant opga met die medicijnen die ik trouw inneem.
Wat het weer betreft, dacht ooit nog seizoensbanden aan te schaffen, maar sinds ik van de week las over de onzin van winter- en seizoensbanden die uit de testen kwam die ze ermee gedaan hebben, zie ik daar dus definitief vanaf. Ze schijnen zelfs vaak gevaarlijker te zijn dan gewone banden. Ik had er altijd al een zuur smaakje van eerlijk gezegd. Als ze wat nieuws uitvinden in dit land, dan gaat er bij mij altijd al een soort alarmbel rinkelen in mijn bovenkamer ‘kassa, kassa, kassa’. En dat blijkt dan alweer als je het prijskaartje ziet hangen. Gelukkig had ik die ondingen dus nog niet aangeschaft, want was weer weggegooid geld geweest.
Begreep er toch nooit wat van. De mensen reden al sinds mensenheugenis zonder winterbanden en opeens moest iedereen aan die dingen. En of dat nou het aantal ongelukken per jaar heeft verminderd??    

Zal ik nou of zal ik niet mijn kerstboompje optuigen?
Ik weet het nog niet. Eerst maar even op wat meer zuurstof wachten en dus even wat meer tijd nemen om te beslissen.
Voor de mensen die op bezoek komen is het natuurlijk wel leuk als er wat kerstsfeer bij je thuis is. Ik kijk naar de buurvrouw, zij heeft haar man verloren eerverleden jaar en zij creëert well kerstsfeer thuis. Moedig vind ik dat, misschien moet ik ook maar … ?








zaterdag 7 december 2019

Ontsnapt aan de boze wolf !


7 december 2019



Gisteren voor de uitslag scans geweest en gelukkig, er waren geen nieuwe haarden of uitzaaiingen te zien, dus hoera. Over drie maanden dus weer dezelfde riedel ondergaan, maar dus even rust.
Maar jee, grote schrik, hij wilde me meteen opnemen omdat mijn COPD ernstig is opgevlamd en zelfs na de antibiotica en 2 Prednisonkuren nog niet onder controle is. Gelukkig had ik niemand bij me en zei ik dat ik helemaal niets bij me had en me toch moest kunnen verschonen en zo en dat mijn auto ook in de parkeer stond. Nou, voor die auto hadden ze altijd wel een oplossing, maar of ik niemand had die mij spulletjes kon komen brengen. Nee, die had ik niet, want iedereen woont een eind weg en dus ben ik op mezelf aangewezen. Hij vond het niet verantwoord me naar huis te sturen, want hij is bang voor de druk op mijn organen die nu op topsnelheid moeten werken. Gelukkig had ik de avond ervoor Anneroos afgebeld, want ik moest zo laat in het ziekenhuis zijn en als zij daarna nog helemaal naar Heiloo moest in dat verschrikkelijke weer en op die tweebaanswegen, dat wilde ik niet, dan zit ik maar ongerust te zijn of ze dan wel veilig thuiskomt. Weer iemand kwijtraken, dat kan ik immers niet meer opbrengen. Zij is net als ik ook al nachtblind, dus dat vind ik dan al helemaal niets. Ze voelde zich wel bezwaard, maar dat hoefde ze niet te zijn, want ik heb het zelf voorgesteld.
Maar gelukkig was ze er niet bij, want dan had hij me natuurlijk opgenomen en had zij weer naar mijn huis moeten rijden om mijn spulletjes te halen en weer te brengen en nog meer van die poppenkast.

Maar goed, ik ontsnapte dus aan de grote, boze wolf (hihi, maar het is wel een hele lieve arts, ,hoor).
Gelukkig duisterde het wat toen ik op weg naar huis ging om 16.45 uur en pas toen ik bijna in Schoonhoven was werd het pikkedonker. Maar goed, toen was ik bijna thuis en ik ken die tweebaanswegen.

Enfin, na een hoop gezeur mocht ik toch naar huis gelukkig, maar moest wel langs de apotheek in het ziekenhuis om meteen medicijnen op te halen ervoor Mocht er na het weekend geen verbetering optreden, dan moet ik meteen bellen en moet ik alsnog worden opgenomen.
O, wat was ik blij toen ik uiteindelijk in mijn toet-toet zat op weg naar mijn eigen huissie. Moest er niet aan denken weer in het ziekenhuis te moeten liggen, brrrr! Daar knap ik alleen maar af i.p.v. op.
Thuis meteen aan die extra medicijnen begonnen die ik viermaal daags moet innemen en nu maar hopen dat er eindelijk gauw verbetering optreedt. En ik ben ook nog op de Prednison, dus laat die alsjeblieft ook goed werk doen eindelijk.

Maar goed, ik ontsnapte dus aan de grote, boze wolf (hihi, maar het is wel een hele lieve arts, ,hoor).


Gelukkig duisterde het wat toen ik op weg naar huis ging om 16.45 uur en pas toen ik bijna in Schoonhoven was werd het pikkedonker. Maar goed, toen was ik bijna thuis en ik ken die tweebaanswegen.

 Poeh, poeh, had ik weer, hoor. Toen ik thuiskwam meteen op de bank gaan liggen, want ik was bekkie-af!  Had die ochtend ook nog een longfunctie gehad. Nou, je hebt al geen zuurstof en dan word je neus nog afgeklemd, iik werd er bijna paniekerig van. Maar goed, dat was ook wel een lieverd van die longfunctie en hij had zoveel geduld.

En nu maar gauw opknappen en zorgen dat ik niet in dat ziekenhuis terechtkom. Ik schrok me het eppeleppie toen mijn longarts daarmee aankwam, pffff!
Zo meteen, even mijn maaltijdje nuttigen dat ik heb gehaald, eens even proberen, zoete aardappelpuree met zuurkool en spruitjes en spekjes, nou, zal mij benieuwen. Kant en klaar gehaald, dus lekker makkelijk.

zondag 1 december 2019

Puinruimen

1 december 2019




Alweer een tijdje niet geschreven op dit blog, maar nu voel ik de drang toch weer wat neer te pennen. Ben druk bezig vrede in mezelf te vinden, mijn misschien kortstondige leven niet langer te verspillen aan nonsens en dingen die toch niet kunnen veranderen. Wel kan ik mezelf nog veranderen, puinruimen in mijn huis, alle overbodige dingen weg. Heb al zoveel opgeruimd, maar ben nog lang niet klaar. Wat kan een mens toch veel troep hebben! Nog veel te veel rotzooi die weg kan, maar ik moet even weer momenten hebben dat het wat beter gaat, want de laatste twee weken gaat het bar. Alsmaar uitputtende hoestbuien en zelfs ’s nachts word je geen rust gegund. Zit op de Prednison en de antibiotica, maar heb niet het gevoel dat dat tot op heden werkt. 
Maar goed, meestal helpt het pas als je de kuur hebt afgemaakt, dus afwachten maar en niet meteen doemdenken. Moet morgen weer voor een scan en dat valt me wel zwaar, want je maakt je nu toch erger ongerust. Al die uitputtende hoestbuien, het voelt gewoon niet goed.             


Afgelopen week las ik op FB een tekst van de vrouw van een ex collega die de kracht niet meer had. Zij had een hersentumor en of dat nog niet genoeg was lijdt haar man ook nog eens aan de ziekte van Alzheimer.  En ik kon het me zo goed voorstellen, gewoonweg doodmoe zijn, niet meer kunnen, de kracht in jezelf niet meer vinden.  
Ze is vorige week overleden, want ze was klaar met haar leven en ze koos ervoor te gaan. Ik vond dat zo moedig, dat gewoon maar openlijk durven zeggen ‘ik heb er de kracht niet meer voor en ben er klaar mee’!
En ik besefte meer dan eens dat het tijd werd om puin te ruimen, om met stoffer en blik en een reuzenbezem alles bijeen te vegen wat niet thuishoort in je leven en de deur uit te bezemen. Genoeg gehuild, genoeg gevochten, genoeg overhoop gelegen met jezelf. En het geeft toch een gevoel van bevrijding eindelijk die stap te durven zetten en nu te kiezen voor jezelf.         
Durven puinruimen, ik ben er helemaal klaar voor. Ook in mijn persoonlijke leven, weg met die mensen die alleen maar ballast voor me zijn geweest, die je alleen maar ziet als het goed met je gaat of als er wat te halen valt of die je alleen maar gekwetst hebben. Helaas ben ik een gevoelsmens, dus alles komt altijd extra hard aan.  Juist die mensen waarvan je het niet verwachtte, dat is nog wel het ergste. Ben ik dan zo een afschuwelijk mens dat het een rechtvaardiging is voor dergelijke behandelingen? Ja, natuurlijk ben ik ook flink bij mezelf ten rade gegaan. Ik heb ook mijn fouten, net als ieder ander, ben – wat nooit voor mensen goede eigenschappen zijn gebleken – altijd recht voor zijn raap, ben vaak te impulsief en ik heb altijd gestreden tegen dat wat in mijn ogen onrecht was, waardoor je dus vaak tegen heilige huisjes en pijnlijke schenen trapte. Dat dat voor mensen niet prettig is als je zo bent, omdat ze je al gauw als een bedreiging zien, ik kan het me voorstellen. Heb vaak geprobeerd het wat minder te doen, maar ja, het is zo moeilijk je karakter te moeten plooien om anderen te plezieren. Wel heb ik altijd getracht gevraagd of ongevraagd anderen te helpen, maar ook dat is niet altijd juist gebleken. Mijn deur blijft open voor al die lieverds die me wel steunen en er wel voor me zijn, maar voor anderen heb ik die potdicht gesloten, voor hen is geen plaats meer in mijn leven.
Ik moet zeggen, het geeft wel een groot gevoel van bevrijding je innerlijk huis te durven schoonmaken, alsof je niet al die last meer op je rug hoeft mee te torsen, het voelt zoveel lichter.
Gelukkig krijg ik er ook deskundige hulp bij en dat scheelt je de blindvlekken te zien die je zelf nog niet ziet. Ik zag die hele therapie eerst niet zitten, maar ik moet zeggen dat het me toch wel goed doet en ik stapjes vooruit bij mezelf ontwaar. 





Maakt het mijn rouw om mijn dierbare zus en moeder minder? Nee, dat zeker niet. Ik mis ze nog elke dag en hun lijden  blijft op mijn netvlies gebrand en blijft pijn doen. Mijn meest dierbare mensen ben ik kwijt en ze komen nooit meer terug.  Ook daar moet ik de confrontatie mee aangaan, maar dat vind ik nog te zwaar en ik kan dus nog niet voldoen aan alle opdrachten. Maar ik ben op weg en tot zover ben ik toch wat trots op mezelf. In mijn uppie sta ik nog altijd overeind en durf ik nu eindelijk voor mezelf te kiezen, durf eindelijk in te zien wat zo scheef zit in mijn leven. Ziekte, ik zie het als volledige uit balans geraakt zijn tussen lichaam en geest. En de tijd die me nog rest wil ik eindelijk gebruiken om met mezelf in het reine te komen en vrede te vinden in mezelf en daarmee de noodzakelijke balans te bereiken.

Ben ik zenuwachtig voor die scan morgen? Ja, ik ben zenuwachtig, want het liefst zou ik als een struisvogel mijn kop in het zand willen steken. Even niet meer ziek hoeven zijn, even ver weg te kunnen blijven van al die ziekenhuizen en witte jassen. En als de uitslag niet goed is, wat dan? Wat wil ik? Welke beslissing moet ik dan nemen,  wil ik nog wel behandeld worden en weer door die lijdensweg gaan van chemo en bestralingen? Ook ik ben moe en waarvoor dan nog, voor wie of voor wat? Elke dag probeer ik te leven alsof ik niet ziek ben, alsof ik een volkomen gezond mens ben en ik probeer alles zoveel mogelijk te blijven doen. Voor mij werkt dat het beste, even alles negeren en gewoon de dagen leven. Niet meer piekeren, nooit meer piekeren, daar verlang ik zo naar, gewoon naar rust, heerlijke vredige rust.
Ik kijk naar buiten en de winter ligt er zo vredig bij. Ik hou van de winter, een rustige winter met maagdelijke sneeuw, maar wel zonder ijzel en snijdende wind. Alleen morgenochtend, morgenochtend mag het even niet gevroren hebben, wanneer ik al die landwegen over moet op weg naar het ziekenhuis en daar heb ik het niet op wanneer het glad is. En hopelijk hoef ik niet te krabben, want daar heb ik nu even niet genoeg adem voor. Maar goed, vanavond maar even een snelle blik werpen hoe mijn toet-toet erbij staat. Mijn totnutoe trouwe toet-toet!

donderdag 7 november 2019

ALWEER EEN JAAR GELEDEN


donderdag, 7 november 2019

Lieve grote zus,

Vandaag, precies een jaar geleden  stierf je om ca 09.00 uur ’s morgens.
Je hebt toen je ogen voorgoed gesloten nadat ik nog bij je was geweest om 08.00 uur. Je ademde toen al zo snel en ik had moeten beseffen dat je bezig was met je afscheid van deze wereld. Ik had je nog gezegd dat ik naar mijn bestraling moest en dat ik daarna zou snel mogelijk weer bij je terug zou komen.
Je hebt niet meer op me kunnen wachten, lieverd, en daar in de wachtkamer van het ziekenhuis moest ik horen hoe je net overleden was.

Wat ging er in je om, lieve zus, de laatste weken van je leven?
Was je wanhopig, verdrietig, bang?
Ik weet het niet, vroeg je zo vaak zoveel dingen en sprak zoveel tegen je, vooral wat je voor mij betekende en hoeveel ik van je hield. Ik wilde je alles zeggen, omdat ik wilde dat het niet te laat zou zijn om te zeggen wat ik je nog wilde zeggen. Je reageerde altijd zo bedeesd, alsof je bang was je uit te spreken. Slechts 1x keer besefte ik wat het voor je betekende. Toen ik voor de zoveelste keer  zei hoeveel ik van je hield en je zo ontzettend zou missen als je er niet meer was. Je borg je hoofd in je kussen en ik vroeg waarom je dat deed en je zei ‘omdat ik anders huilen moet’. En mijn hart huilde, lieve zus, en voelde zo een diepe, machteloze pijn.
Ik zei je dat je huilen mocht en je jezelf niet hoefde te verbergen voor je tranen, maar je hoofd bleef verscholen in dat kussen. Je leek zoveel op mama, nooit klagen, altijd dapper zijn en bescheiden.
Ik probeerde nog grapjes met je te maken en dan moest je er nog om lachen en als ik binnenkwam, dan was er die kleine, lieve glimlach om je mond die mij toonde dat je blij was mij te zien.
Dan ging ik naast je bed zitten, nam je hand in de mijne en streelde vaak je kale hoofd met de kleine stoppeltjes. Ook dat deed me zo pijn, dat je al je mooie haar kwijt was en je koppie opeens zo klein en mager leek. Dan zei ik dat je haar vast weer aan het groeien was omdat ik al stoppeltjes voelde.
De laatste dagen van je leven kon ik geen contact meer met je krijgen. Je was al in een coma en reageerde nergens meer op. Maar ik bleef tegen je praten, in de hoop dat je alles nog kon horen.

Ik herinner mij hoe je als grote zus mij mijn hele leven hebt beschermd , hoe je voor me opkwam als ik door iemand geslagen werd, als een tijger was je dan dat opkwam voor haar jong.
We kregen zo een hechte band in onze zo moeilijke en trieste jeugdjaren en door alle tragedies in ons leven. Dat smeedde zo’n hechte band tussen mama en jou en mij. We waren  er altijd voor elkaar, altijd. Jij leerde mij mijn veters strikken, mijn naam te schrijven, al was het dan met een k en op het eind een t en jij stond daar als klein, trots moedertje tussen al die grote moeders op mij te wachten bij de kleuterschool.

En toen mama was gestorven was je nog de enige waar ik mijn toevlucht kon zoeken wanneer het even niet goed met me ging. Je was er altijd met je wijze raad, je rustige houding, je frisse kijk op de omstandigheden waarin ik kon verkeren.
Jij, altijd weer mijn baken in ruwe zee.

Ach, lieve zus, niemand, niemand zal ooit weten wat er in mij omging toen ik je kwijtraakte. Een afgrijselijke schreeuw van machteloosheid die door heel mijn innerlijk ging als messen. Dezelfde pijn die ik voelde toen mama ons verliet.

Zo vaak voel ik mij in een bootje zonder roeispanen op veel te hoge golven en nergens is dan een baken, nergens licht. Dan denk ik aan jou en aan mama en probeer ik mij voor de geest te halen wat jullie mij zouden zeggen, welke richting jullie mij zouden wijzen en probeer ik me mee te laten drijven op de stroom van het leven.  
Ik mis jullie, ik mis jullie zo verchrikkelijk.

donderdag 24 oktober 2019

Een uitputtingsslag


Wat een uitputtingsslag en wat een confrontaties, maar wel weer gedaan!
Stapje voor stapje door Therapieland waarvoor ik online werd aangemeld door maatschappelijke ondersteuning. Doel, leren omgaan met je rouw.
Na elke sessie opdrachten waarin je steeds de confrontatie aangaat met je emoties, je verdriet, het verlies. Ik voelde er in eerste instantie helemaal niets voor, maar uiteindelijk helpt het me toch beter dan een menselijke helper.
Kun je een opdracht nog niet aan, dan mag je hem later doen of even een pauze inlassen. Ik wist niet dat sommige dingen bij rouw eigenlijk heel gewoon zijn, zoals soms je boosheid op wie je verloren hebt. Zo krom als het zijn kan natuurlijk, maar dat blijkt heel normaal te zijn. Je opeens in de steek gelaten voelen, het gevoel dat je dierbare je niet waardevol genoeg achtte om op je te wachten bij het sterven! Het blijkt er allemaal bij te horen.

Het duurde lang alvorens ik besefte dat ik het niet meer alleen kon en dus uiteindelijk op dringend advies van de huisarts hulp accepteerde.
Vooral nu de maand november weer nadert is het zo zwaar. Alweer bijna een jaar is ze weg, mijn lieve, dierbare zus en alweer zo’n 10 jaar mijn dierbare, unieke moedertje.

In deze meest moeilijke tijd van mijn leven, waarin ik het gevoel heb dat alles weg is, leer je ook je beste vrienden en familie kennen. Wie er voor je zijn en wie zich opeens helemaal niet meer laten zien of horen en je zomaar in de steek laten en nog erger, je soms in je rug steken. Het ergste om te constateren is als het gaat om mensen die je het meest dierbaar waren. Maar dat geeft niet, want liever mensen vanuit het hart dan van die figuren die zich alleen laten zien als het goed met je gaat. Het verdrietige is dat ik geen mens meer durf tee vertrouwen, dat je altijd op je hoede blijft en liever vertrouwt op jezelf dan op een ander.
En je echt goede vrienden, die verdienen zo’n instelling niet, want zij zijn er als ze zien dat je even niet meer kan.

Ik leef elke dag zoals die komt. Er is geen tijd te verspillen aan allerlei kwats en gepieker over wat je nog te wachten staat en ik wil het ook niet weten.
Soms is er wel die afgrijselijke schreeuw binnenin je, die door al je aderen sscheurt en je in tomeloze paniek laat zijn. Waar zijn ze, zij, die je het liefste waren, ze zijn allemaal weg, er is niets en niemand meer! Je wilt ze terughalen, ze weer levend maken, maar wat er alleen nog maar is, is die machteloosheid van kleiner zijn dan klein!

Gelukkig heft mijn writers block zich inmiddels beetje bij beetje op, het is nog niet optimaal, maar toch vloeiden er alweer 3 gedichten uit mijn brein. En dat is gelukkig een goede ontwikkeling. Want wat ben ik nog zonder mijn schrijven, zonder het praten met papier?      
Ook schilderen zondert mij af van de wereld om mij heen en van al dat gesomber in mijn hoofd. Bezig zijn met alleen maar je scheppingen en verder helemaal niets. Helender dan welk medicijn dan ook.
Hoe pijn kan leven doen? Vroeger dacht ik altijd dat alles beter zou worden met de tijd, maar dat is dus niet zo, dat is vals gevende hoop, want als het je lot is, dan is het je lot en daar helpt niets of niemand nog tegen.

Maar het kan altijd nog erger. Zoveel mensen op de wereld die helemaal niets hebben, die in een eeuwigdurende oorlog leven en/of dakloos zijn en/of gewoonweg geen eten hebben. Daar denk ik vaak aan en dan vraag ik me af of te mogen leven nu echt zo waardevol is?

En de vogels blijven vliegen
terwijl jij mank gevlogen tracht
een laatste keer weer op te stijgen

in eindeloze vlucht
nog eenmaal langs de wolkenlinie
achter de einders willen zien

met nog ongeschonden vleugels        

(uit mijn laatste bundel ‘Voorbij het zicht’)         



zaterdag 21 september 2019

DE REMEDIE !


Niet meer willen denken, nooit meer willen denken. Je gedachten stil willen zetten, maar ze malen maar door. Schrijven lukt ook nog steeds niet, drie strofen staan er toch alweer op papier, maar the finishing touch lukte even niet meer. Gewoon al een tijdje een writers block!

En dus maar weer aan het verven geslagen, een nieuwe techniek die ik helemaal wil uitproberen. Gisteren en eergisteren dus weer op stap geweest voor extra verf en doeken en het is mengen, mengen en nogeens mengen, alvorens je aan de slag kan. Dan moet alles nog worden afgedekt, want het laatste wat je wil is natuurlijk verf op je meubels en vloer. Alhoewel, af en toe wappert er toch stiekem een druppeltje daarheen waar het niet mag, hoor. Dan sta ik meteen klaar met mijn natte doekje om het te verwijderen, want eenmaal opgedroogd is het funest. Ik gebruik ook geen echte schorten meer, want dat was niet aan mij besteed. Gewoon van een grote vuilniszak even een schort maken en die kan na afloop lekker gemakkelijk zo de vuilnisbak in.
Lijkt me heerlijk als je een groot atelier zou hebben en je niet zo zou hoeven oppassen. Nu ben ik nog met kleine stukken bezig, maar straks wil ik toch het schilderij in mijn huiskamer vervangen voor weer een doek van 75 x 120 cm. Je kan soms zo uitgekeken raken op iets en weer iets nieuws willen!
Nou, waar ik dat ga doen, daar moet ik nog even mijn hoofd over breken.
Maar voor mij is het wel de remedie om met niks anders bezig te zijn dan met het creëren van je schepping. Je denkt gewoon nergens meer aan, bent alleen maar bezig met die nieuwe schepping en verder met niets.



Alleen naderhand dat opruimen en schoonmaken van alle spullen, verfpotten, kwasten, plastiek, handschoenen, etc. etc. Pfffff, steeds weer een heel karwei, maar ja, je moet er wat voor over hebben natuurlijk.

Gisterenavond gekeken naar de documentaire over Fernando Riksen, de voetballer die pas is overleden aan die vreselijke ziekte ALS
Hij was zo ontzettend moedig en bleef maar de illusie houden die ziekte te kunnen overwinnen.
Heel erg vond ik het dat zo’n stervoetballer als Maradonna hem beloofde te ontmoeten wanneer hij in Nederland was. En dus reisde Fernando in zijn doodzieke toestand van Schotland naar Nederland, vol verwachting zijn grote idool te ontmoeten. Maar al wie er uiteindelijk kwam, geen Maradonna!
De tranen biggelden gewoon over mijn wangen. Hoe kan je zo een doodziek iemand beloven te komen en dat vervolgens niet nakomen, nadat die zo een zware reis heeft moeten ondernemen voor jou?. Is dat sterrendom je dan zo naar je bol gestegen? 
Uit troost namen ze hem maar mee naar zijn amateurclub waar hij als kleine jongen had leren voetballen. Bah, wij mensen kunnen zo wreed zijn! Eigenlijk moet ik gewoon niet naar dergelijke programma’s kijken, want ik blijf er altijd zo lang mee zitten en dat kan ik nu helemaal niet gebruiken.
Maar hij gaf me wel een boost, zo dapper als hij was in zijn toestand, want uiteindelijk kon hij niets meer, zelfs niet meer praten, maar hij wilde maar blijven leven en geloven dat hij beter zou worden.

Had vannacht zo een rare droom. Ik ging naar mijn werk en aldaar aangekomen kon ik niet parkeren, want de hele parkeergarage was daar afgesloten. Enfin, ik vond een uitweg. Naast het gebouw waar ik werkte zat een ministerie en die had ook een parkeergarage. Ik reed dus door zo’n smal gangetje er naar toe en kon mijn auto daar kwijt, want daar was plenty ruimte. Al die andere auto’s achter mij durfden dat waarschijnlijk niet aan, want niemand volgde mij. Toen zat ik opeens op de fiets en die moest ik ook kwijt en die stalde ik dus in de enorme hal van dat ministerie. De fiets zie ik nog zo voor me, rood met zilver. Enfin, kon ik later die fiets toch nergens meer terugvinden, terwijl ik zeker wist dat ik hem naast een van de vele uitgangen had gestald. Ben nog op zoek gegaan met een medewerker van daar, maar niks hoor.
Ik zat ook mijn hoofd te pijnigen hoe ik toch bij mijn auto moest komen, want het bleek dat je daar een pasje voor nodig had en dat had ik natuurlijk niet.
In elk geval bleef ik maar op zoek gaan naar mijn fiets en zo werd ik uiteindelijk wakker, bekkie-af van al dat zoeken.

Mijn schilderijen liggen nu te drogen en het zijn best mooie creaties geworden, alhoewel het nog niet helemaal naar mijn zin is. Hoe droger ze worden, hoe mooier de kleuren, dus het is afwachten. Moeten nu dagen drogen en dan in de lak en ergens een plaatsje zoeken om ze op te hangen.

Zo, weer genoeg gebabbeld voor vandaag. Ga nu even lekker rusten op de bank, want ben alweer zo moe van alles.

donderdag 5 september 2019

IK HAD HET NOG ZO GEZEGD!

Ik had het nog zo gezegd bij herhaling. Die scan moet met contrastvloeistof van de dokter. Maar helaas, eigenwijs ‘nee hoor, dat hoeft niet, gaat u nu maar liggen’.
Dan kom je op de afgesproken datum (3 september jl.) bij de specialist die dan een tijd lang zit te staren op die schermen en uiteindelijk zegt ‘maar zo kan ik haast niks zien behalve wat littekenweefsel’. ‘Hoezo, waarom kunt u niks zien?’
‘Nou, ze hebben geen contrastvloeistof gebruikt dus zo heb ik er niets aan’.
Dan word je toch even helemaal niet goed zeg. Zit je te wachten op zo’n belangrijke uitslag, kan de man niks zien door zo’n eigengereid duo van de Radiografie, m.a.w. alles was dus voor snottebel!

Maar goed, het begon ’s morgensvroeg al toen ik in de wachtkamer zat te wachten. De balieassistente kwam na een tijdje bij me en vroeg of ik in de wachtkamer van een andere dokter wilde gaan zitten, want mijn specialist had een aanrijding met de auto en kon niet komen. Ik balen, want ik dacht ‘kan ik weer wennen aan iemand anders’. Achteraf leek het alsof het zo moest zijn!! Nog altijd zat ik te treuren om mijn vorige specialist, die opeens weg was omdat hij een wereldreis wilde maken, een zo betrokken arts waar ik zoveel vertrouwen in had en mijn ziekte zodoende een beetje draaglijker wist te maken.
Nou enfin, ik zat daar dus in de wachtkamer toen ik opeens mijn goede vriendin ʕita zag komen aanlopen. Ik was uitermate verrast, want ze zou in eerste instantie met me meegaan als steun, maar had afgebeld omdat ze verkouden was en bang was mij aan te steken.
Ze zei dat dat natuurlijk flauwekul was, want zo’n ziekenhuis zit ook vol bacteriën, dus loop je het van haar niet op dan wel van het ziekenhuis en daar had ze natuurlijk helemaal gelijk in. Ik was al lang blij dat ze er was als steun en vond dat erg lief van haar, want je bent toch al flink nerveus voor de uitslag en buiten dat kan een gezelschap je altijd flink afleiden van al dat gepieker.     
De dokter kon dus zo goed als niets zien, maar zei dat het in het beginstadium na al die operaties, chemo en bestralingen toch vaak te snel is om wat te kunnen zien, dus moet het in december opnieuw. Als ze dan weer zo eigengereid doen daar, dan moet ik eisen dat ze hem bellen.

In elk geval bleek deze vervanger een net zo lieve en betrokken arts als mijn specialist, die opeens met de noorderzon was vertrokken en er was dan ook meteen een goede klik. Ik durfde al mijn vragen te stellen, mijn klachten neer te leggen en hij gaf overal duidelijk en uitgebreid antwoord op, zodat ik meteen weer wat wijzer was. Uiteindelijk mag ik gelukkig bij hem blijven en dat is een hele geruststelling, want alhoewel die vorige opvolger wel vriendelijk was had ik er toch geen klik mee en dan zit mijn mond gewoon op slot.
ʕita stelde ook nog een paar goede vragen en zo waren we meteen weer heel wat wijzer. Verder schreef hij wel een extra medicijn uit omdat ik erg veel last heb van geschraap door slijm dat er haast niet uitkomt en hij hoorde ook een piep.

Ik waagde het er nu ook op te vragen wat mijn overlevingskansen zijn, want elke dag die onzekerheid hoe het ervoor staat met me vind ik ook een belasting.
Hij zei mij eerlijk dat na 5 jaar nog maar 15% in leven is en dat ik ook nog de pech heb aan zeer ernstige COPD te lijden. Verder heb ik natuurlijk nog maar 1 long en een kwart long en dat is nu ook niet bepaald hoopgevend allemaal. Maar ik moet elke dag maar leven en beleven en blij zijn met elke dag. Het toekomstperspectief is dus niet echt goed, maar ik ben tenminste af van die onzekerheid voor mezelf en wie weet, de wonderen zijn de wereld nog niet uit.
Verder mag ik niet klagen of jammeren, want ik denk aan Suzette, mijn dierbare zus, die niet wat meer tijd vergund was. Nog elke dag moet ik om haar huilen en vraag ik me af of het nu echt niet alleen maar een nachtmerrie is allemaal.
Zij en mijn moeder, ik mis ze nog elke dag en met hen ben ik uiteindelijk alles kwijt. Ik heb ze nog zoveel te vragen en te vertellen, maar hoe dan? Je praat tegen hun foto’s en soms lijkt het of je wat antwoorden krijgt in je hoofd en dan vraag je je af of het je eigen verbeelding is of dat …

Op 2 december a.s. gaan we dus weer voor een vernieuwde scan MET CONTRASTVLOEISTOF!!!!! en ook een longfunctieonderzoek en hopelijk wordt het dan wel volgens voorschrift van mijn specialist gedaan. Die eigengereidheid kost natuurlijk weer zorgkosten voor niks en daar zit de Nederlandse burger nou niet bepaald op te wachten (immers, de zorgpremie gaat volgend jaar weer met vier tientjes omhoog met de zoveelste smoes, is alweer uitgelekt van dat schijnheilige Prinsjesdagkoffertje). Maar de regering is er heel trots op dat het minimaal maar ver tientjes per jaar zijn, voor hen natuurlijk peanuts met hun salaris!!!)!!

Ik voel me wel weer een stuk veiliger met deze specialist en hij zei me dat ik elke dag mag bellen als ik iets niet vertrouw of me ergens zorgen over maak.
Daarna gezellig wat gaan eten en drinken met ʕita en heel wat gebabbeld met elkaar. Zij is echt de rust zelve, waardoor ik me dan ook weer een stuk rustiger voel en zij was dus echt een hele steun voor me.

Vanmorgen ook weer om 06.30 uur opgestaan, want moest vandaag voor bloedonderzoek voor mijn schildklierziekte en moest daarvoor ook mijn ochtendurine gaan inleveren. Nou, nou, hele procedure leek het me. Een potje met 3 buisjes erbij en een hele handleiding (heb ik zo nog nooit eerder gehad). Ik zag dat helemaal niet zitten allemaal, maar uiteindelijk leek het toch een fluitje van een cent. Ze waren maar open tot 10.30 uur, dus nadat ik klaar was er maar meteen heengegaan. Zo meteen krijg ik een buurvrouw op de koffie en om 01.15 uur moet ik weer een andere buurvrouw naar de fysio brengen, dus al met al een druk dagje. Maar goed, het houdt je van gepieker af en geeft allemaal afleiding.

Nou, ik ga de koffie klaarmaken en het gebak, want de buurvrouw zal zo onderhand wel komen.
Tot het volgende relaas dus maar weer en geniet allemaal van elke dag!