maandag 14 januari 2019

14 januari 2019


Er komt zo weinig uit mijn handen de laatste tijd.
Ik heb steeds weer plannen, maar wil ik eraan beginnen, dan vraag ik me af of het allemaal nog wel nut heeft. Steeds vaker ben ik depri en blijf ik maar huilen en huilen.
Ik mis Suzette, zou haar zo graag weer willen bellen of spreken, want zij zou altijd wel weer een wijs advies geven, waarmee ik verder zou kunnen.
Wie kende mij beter dan zij? We hadden immers samen vroeger zoveel meegemaakt en hadden toen alleen elkaar om op te vertrouwen.
En nu, nu is ze voorgoed weg, net als mijn moedertje, de twee meest dierbare mensen in mijn leven. Het voelt als zitten in een bootje op volle zee zonder roeispanen, van alles en iedereen verlaten en nergens meer een horizon zien.
Soms onder het rijden kijk ik naar die vertes en vraag ik stilletjes ‘zeg me toch waar jullie gebleven zijn’, maar ja, antwoord krijg je er niet op natuurlijk.
Dan stel ik me voor dat ze ergens wonen voorbij de wolken, voorbij de horizon en ik kan er net niet bij.

Ze zeggen dat je verder moet, dat je nu je eigen strijd moet vechten en ervoor moet gaan. En ik, ik kan me alleen maar afvragen waarom en waarvoor nog.
Mijn leven was helaas één groot drama en ondanks dat heb ik me altijd overal doorheen weten te vechten, maar nu ben ik eigenlijk alleen nog maar moe.
Het grijpt me ook naar de keel als ik eraan denk dat ik in februari weer scans krijg en naar al die artsen moet. Ik probeer er steeds niet aan te denken, wil nu nog genieten van die zalige rust zonder al die witte jassen en al die medische apparaten. Alhoewel, ik moet a.s. vrijdag nog wel naar mijn internist voor mijn schildklierziekte, maar goed, dat beangstigt mij niet zo, dat ben ik al jaren gewend. En het is ook nog een hele fijne internist, legt altijd alles heel goed uit en heeft niet zo dat formele van vaak een hoop artsen. Het is een echte Rotterdamse jongen en misschien is het daarom dat ik het zo goed met hem kan vinden. Rotterdammers onder elkaar, nietwaar!

Morgen moet ik ook nog naar een keuringsarts in Stolwijk voor mijn gehandicaptenparkeerkaart. Is natuurlijk weer kassa voor ze (zo’n 140 euro, ik kon hem ook thuis laten komen, maar dan kwamen er nog een paar tientjes bij!), want een telefoontje naar mijn artsen en ze hebben alle gegevens die ze willen hebben.
Maar goed, ik heb mijn dikke medische dossier al klaarliggen voor de man en dan bekijkt hij het maar met dat hele pakket.
Woensdag komt dan ook weer mijn huisarts op bezoek en vrijdag dan weer naar het ziekenhuis, dus weer een drukke week.
Mijn huishoudelijke hulp is net geweest en die heeft de galerij en het balkon weer lekker schoongeschrobd en alle ramen gezeemd, de badkamer en het toilet gedaan en ook nog gestofzuigd en gedweild. Ben zo blij met haar, want ze werkt als een echte Marleen Spaargaren en ik hoef haar niks te zeggen, ze werkt zo zelfstandig.
Hiervoor had ik vaak jonge hulpen, maar die kunnen over het algemeen echt niet schoonmaken. Waren ze weg, dan kon ik alles weer zo’n beetje overdoen en alles moest je uitleggen, want anders werd de helft alleen maar gedaan. Ik heb nu gelukkig een vaste, oudere hulp en die weet goed van wanten en ze is ook nog eens altijd goed geluimd. Ik ben blij dat ik haar nu voor vast heb, want steeds maar verschillende hulpen, dat is ook niks.

Gelukkig heb ik hier wel veel aanloop en pas was er beneden een nieuwjaarsreceptie. Ik wilde er niet heen, want ik kon het niet opbrengen iedereen gelukkig nieuwjaar te moeten wensen. Ze kwamen me echter halen en zeiden dat ik niemand iets hoefde te wensen, dat ze het allemaal begrepen en dat ik gewoon mee moest om wat te drinken en wat hapjes te nuttigen, zodat ik toch afleiding had. Ik ben toen toch maar meegegaan en even moest ik toch huilen (vorig jaar zat ik er nog met Suzette), maar uiteindelijk heeft het me toch goed gedaan en afgeleid van al dat gemaal in mijn hoofd en van dat verdriet. Was toch nog even gezellig en al die troostende armen om je heen sterken je dan weer voor even.

Kreeg ook weer uitnodigingen van de verkiezingsbureaus van Schoonhoven en ook van Rotterdam om in maart en september weer plaats te nemen op de stembureaus. Alhoewel ik het altijd leuk vind om te doen, heb ik het deze keer maar afgewezen. Het is me net iets te vermoeiend nu, temeer daar ik hier in Schoonhoven  ’s avonds ook nog terug moet komen om te tellen en dat kan ik nu niet opbrengen met mijn ziekte. En Rotterdam is me net even te ver weg nu om daar op en neer naar toe te gaan. Rotterdam heeft wel als voordeel dat je daar niet terug hoeft te komen om te tellen. Maar met deze ziekte is het me gewoon te zwaar, want ik ben zo uitgeput natuurlijk en dan moet ik kunnen rusten. Nou, ik kan moeilijk een slaapzak meenemen om daar af en toe even mijn broodnodige rust te kunnen nemen.

Zo, ik ga maar eens proberen een boterhammetje te eten, voel mijn maag wat knorren en ik heb even helemaal geen zin in straks een hele maaltijd..
Lekker makkelijk maar wat boterhammies klaarmaken en misschien een kommetje soep, ik zie wel.

http://www.ingrideleonora.nl





dinsdag 1 januari 2019

Something to tell: 1 januari 2019

Something to tell: 1 januari 2019: Ik wilde het niet meemaken, wilde me het liefst verstoppen voor die ellendige   avond en de wisseling van het jaar. Ik kon alleen maar de...

1 januari 2019


Ik wilde het niet meemaken, wilde me het liefst verstoppen voor die ellendige  avond en de wisseling van het jaar. Ik kon alleen maar denken aan Suzette en mijn moedertje, die ik allebei op zo’n wrede wijze verloren had. Hoe ik vorig jaar op oudejaarsdag gezellig zat te gourmetten bij Suzette, nog onwetend van alle drama’s die ons al zo spoedig te wachten stonden.
We lachten, hadden zoveel plezier en genoten van alle lekkernijen.
Ik weet nog hoe we al volgepropt zaten met al dat heerlijke eten, toen Suzette voorstelde nog een coupe ijs te nemen. Ik sloeg het af, kon al niet meer, maar nog zie ik haar smikkelen van die enorme bol ijs met een likeurtje er doorheen en een toet slagroom van heb ik jou daar, steeds maar genietend tegen mij mompelend ‘je weet niet wat je mist’! Ze was een echte smulpaap en gelukkig maar, want al zo gauw zou ze niet meer in staat zijn om te eten en te drinken of alleen maar te slikken. 
Haar enige beetje verlichting zou toen alleen nog maar het bevochtigen van haar lippen zijn met een wattenstokje.

En nu, Gelukkig Nieuwjaar, ik kan het niet eens meer uitspreken.
Kerstmis en oudejaarsavond, het zal nooit meer worden als voorheen.
Nog voor 23.00 uur ben ik mijn bed ingeslopen, ik wilde de jaarwisseling niet meemaken, wilde me ergens verstoppen voor heel de wereld, maar mijn enige schuilplaats was onder mijn dekbed.. Ik wilde slapen, alles wegslapen, niet meer denken, niet meer malen, maar die enorme knallen hielden me uit mijn zo gewenste slaap en een steeds repeterende film over mijn moedertje en Suzette op hun zware ziekbed bleven zich maar voor mij afspelen. Ik wilde mij de leuke tijden met ze herinneren, maar steeds weer drongen die verschrikkelijke beelden zich aan mij op.
Mijn moedertje was gelukkig nog in onze liefdevolle armen gestorven, maar Suzette, Suzette was zo alleen ingeslapen, net een uurtje nadat ik vertrokken was voor mijn bestraling en haar man even een kopje koffie voor zichzelf aan het inschenken was.
Ik had haar beloofd zo snel mogelijk terug te komen, maar ze had de kracht al niet meer om op me te wachten.
Ik had haar zo graag in mijn armen willen laten inslapen, haar hebben willen  toefluisteren dat alles goed was, dat ze niet bang hoefde te zijn en dat ze een uniek, warm en liefdevol mens was geweest en ik had haar nog willen bedanken voor de liefste zus ter wereld voor mij te zijn geweest.
Aan haar ziekbed, ja, ik had haar zo vaak gezegd wat ze voor mij betekende, hoeveel ik van haar hield en hoe waardevol ze voor me was, maar toch vraag je je steeds weer af of je wel alles genoeg gezegd hebt en of je alles wel voor haar gedaan hebt wat mogelijk was.

Mijn gevecht alleen tegen die afschuwelijke ziekte die mij al het dierbare reeds zo wreed ontnomen heeft, vind ik zo zwaar en ik vraag me af wat eigenlijk nog genoeg waardevol is om ervoor te gaan.
Al die verschrikkelijke behandelingen waar je zo doodziek van bent en dan steeds weer die spanning waarmee je te dealen hebt in afwachting van …
En Suzette? Ze heeft zoveel verschrikkelijke behandelingen ondergaan om uiteindelijk toch te moeten sterven en was dat allemaal dan wel nodig geweest?

1 januari 2019, een heel nieuw jaar zonder de mensen waar je zoveel van hield, die je elke dag weer zo ontzettend mist en het vooruitzicht van alsmaar durende onwetendheid hoe het verder met je zal gaan, ik zie er zo erg tegenop.
In februari zal ik weer een oproep krijgen voor scans en mijn longarts, want de bestralingen werken nu nog wat weekjes door en tot dan wil ik even bevrijd zijn van al dat medische gedoe.

Ik kon het niet opbrengen om dit jaar kerstkaarten te schrijven en te versturen en ik kon het ook niet opbrengen iedereen de beste wensen te wensen en dat spijt me. 
Maar ik hoop en wens dat binnen korte tijd die vreselijke ziekte 'kanker' te genezen zal zijn en dat die niet meer in staat zal zijn nog nieuwe slachtoffers te maken. 
En ik wens ook dat deze wereld een betere wereld mag worden, waarin mensen zich ervan bewust zullen zijn hoe kort het leven is, te kort om dood en verderf te zaaien, te kort om alleen bezig te zijn met de hunkering naar je alleen maar te verrijken met enkel materie en dat ten koste te bereiken van alles en iedereen.
En ik hoop van harte, dat al die lieve mensen die ik nu nog om mij heen heb, bovenal gezond mogen blijven en zullen genieten van elke dag die ze gegeven is.
Voor nu heb ik niet veel meer te vertellen. 
Ik kijk naar buiten en het is nevelig en somber en doodstil en zo voelt heel mijn binnenste zich eigenlijk ook.

http://www.ingrideleonora.nl



donderdag 6 december 2018

Het voelt zo leeg hier binnen

6 december 2018

De eerste kerstkaarten stromen reeds binnen en ik hoor jou alleen nog aan me vragen ‘zal ik de kerst nog wel meemaken?’
Nee lieverd, je maakt kerst niet meer mee. Je bent er niet meer en vandaag realiseerde ik me pas goed dat je nooit, nooit meer terugkomt. Dat we nooit meer samen kunnen praten, nooit meer samen kunnen lachen, nooit meer samen iets kunnen doen.
Het voelt zo leeg en koud in mijn hart en elke morgen dat ik wakker word vraag ik me af hoe ik de dag weer door moet komen.
Mijn verdriet om jou, al die zorgen in mijn hoofd, het gevecht om mijn leven, ik ben van alles zo moe, doodmoe. Het voelt ook zo zwaar om het gevecht voor mijn leven helemaal alleen te voeren en ik vraag me vaak af waarom ik het nog moet doen. Nog zoveel lieve vrienden, maar toch, het gevoel dat al het dierbare je voorgoed is ontnomen, dat geeft zo een verlaten gevoel.
Jij weg, mama weg, mijn vriendinnen Lucia en Coby weg, zoveel lieve mensen al weg.
Dit jaar zal ik geen kerstkaarten sturen, oh nee. Ik kan alleen maar hopen dat die dagen zo snel mogelijk voorbij zullen gaan. Kerst zal voor mij nooit meer zijn zoals het was en alleen nog maar marteldagen betekenen.

Heb ik al zoveel aan mijn hoofd, doet mijn ziektekostenmaatschappij ook nog zo moeilijk om een datumpje onder mijn declaraties ziektevervoer.

Tjonge, de datum van de longarts valt voor de datum bestralingen en poeh, poeh, dat kan niet, hoor. Nee, dan moet je alles weer opnieuw indienen en je behandelende artsen weer lastig vallen met die papieren rompslomp. Moeten ze alles opnieuw ondertekenen en stempelen! Twee dagen ben ik er alweer noodgedwongen mee bezig geweest om alles weer opnieuw in te vullen en contact te zoeken met het ziekenhuis. De artsen zijn tegenwoordig drukker met al die papieren voor die verzekeringsmaatschappijen dan met de zorg voor hun patiënten. Vind zo’n maatschappij het nog gek ook dat je zo ironisch kan reageren op die flauwekul! Alsof ik verdikkie niets anders aan mijn hoofd heb.
Heb ik nog al die kosten moeten voorschieten, dus het gaat om honderden euro’s en voor ik die dan terugkrijg, dan ben ik volgens mij al dood!


Vandaag ook eindelijk naar de tandarts gekund voor mijn ½ jaarlijkse controle die ik noodgedwongen 2 maanden had moeten uitstellen.
Was bang dat die ziekenhuisperiode schade had toegebracht aan mijn gebit, want na zulke operaties kun je toch niet zoveel zorg besteden aan de verzorging van je gebit als gewoonlijk. Maar gelukkig, ik kreeg een dikke pluim van de tandarts en hij vond de mondhygiëniste helemaal niet nodig, want die zou binnen nog geen vijf minuten klaar zijn met me, zo schoon vond hij mijn gebit. Nou, ik was dolgelukkig, want ik had de mondhygiëniste al besteld en dat bleek dus helemaal niet nodig. Toch nog iets dat meevalt in mijn leven!

Gisteren ook nog pasfoto’s laten maken, want moet 15 januari naar de keuringsarts voor mijn gehandicaptenparkeerkaart. Ik heb er nu tijdelijk eentje, maar die is 11 december afgelopen en tot 15 januari krijg ik dan weer even een verlenging. Verder is mijn paspoort ook verlopen en ik zit er nog over na te denken of ik die wel weer opnieuw moet aanvragen of niet, ik ben er nog niet over uit. 

Eerst maar eens afwachten wat die nieuwe onderzoeken straks zeggen. Of al die behandelingen tot op heden effectief zijn geweest of niet. Over ca drie weken moet ik daarvoor een nieuwe oproep krijgen. Die bestralingen werken nog zo’n twee weken na, dus daarom duurt het even voor ze je weer oproepen.
Heb wel flink wat bijwerkingen van die bestralingen. Moeite met slikken, alsof de boel vernauwd is geraakt, vooral ’s nachts vreselijke hoestbuien en nog vaak tegenzin tegen eten. Opeens kan het je vreselijk tegenstaan en ik heb dan ook nog nooit zoveel eten moeten weggooien als de laatste maanden.
Zo heb je trek in iets en zo word je er misselijk van, zo gek allemaal.

Mijn borstkas is ook helemaal verdroogd door al die bestralingen en mijn rug zit vol korstjes. Ik smeer het allemaal maar goed in, want nu mag dat weer gelukkig. Tijdens de bestralingen mocht je je huid helemaal niet insmeren en dat was best wel lastig met al dat droge gevoel..

Zo, ik ga mijn bedje maar weer eens opzoeken, want eigenlijk ben ik best alweer moe. Nu maar hopen dat ik gauw inslaap, zodat ik even niet meer hoef te denken en niets meer hoef te voelen. Ik mis je, lieve zus, ik mis je!


woensdag 14 november 2018

En nu?



Ze waren allemaal voor jou gekomen, een zaal vol dierbaren, familie, kennissen en vrienden en het bleek wel hoe enorm geliefd je was.
Zelfs je oud-collega’s en ex leidinggevenden van de marechaussee en de landmacht waren er in grote getale en ik kon er een paar nog herkennen.
En ja, veel van je neven en nichten waren helemaal overgekomen uit het verre Groningen voor jou, lieve zus. Een reis van vier uur heeft ze niet tegengehouden om je de laatste eer te bewijzen.
Je kist was omgeven door een zee van prachtige bloemen en je zou er met een tevreden glimlach naar gekeken hebben, want je hield zoveel van bloemen en ze stonden altijd in je huis.
De kist ging nog even open, zodat onze naaste familie nog een laatste afscheid konden nemen. Nog brozer dan de vorige keer lag je daar en ik kon het niet nalaten nog voor een laatste keer met mijn hand je voorhoofd te strelen.
Je voelde zo koud, maar het heeft me niet tegengehouden
Ik wilde de laatste zijn die je zou aanraken met een hand vol liefde en dat alleen was maar belangrijk.

Gelukkig wist ik mijn toespraak en gedichten voor jou toch nog waardig te brengen, maar ik wist me gelukkig gesteund door Anneroos, die trouwens ook een mooie toespraak voor je heeft gehouden en ons terugbracht naar leuke voorvallen in onze kindertijd.

Het deed me goed dat er zoveel mensen voor je gekomen waren, maar alhoewel de zaal rijk gevuld was met zoveel lieve mensen, voelde ik me eenzamer dan ooit, leeg en verlaten en eerlijk gezegd, zo moe gestreden. In korte tijd ben ik 30 jaar ouder geworden.
Gelukkig waren daar de schouders van mijn twee beste vriendinnen Ine en Plonie, die er altijd voor me zijn in moeilijke tijden.

Mijn twee grootste steunpilaren, mama en jij, zijn me zo wreed ontnomen en op de een of andere manier zal ik nu mijn roeispanen alleen ter hand moeten nemen om mijn bootje varende te houden.
Soms wil ik je bellen, maar dan realiseer ik me wreed dat je er niet meer bent en dat we nooit meer samen zullen babbelen, schaterlachen en erop uit zullen gaan. Ik kan het nog steeds niet bevatten dat je definitief uit mijn leven bent en er is op het ogenblik gewoon niets meer.

Vandaag moest ik weer naar de bestraling en ik lag daar en je bleef maar door mijn gedachten gaan. Ik moest zo huilen, maar moest al mijn snikken met alle macht inhouden, want je mag je niet bewegen al die tijd en dus stroomden de tranen alleen maar uit mijn ogen. Sinds kort word ik gebracht door lieve vrijwilligers en gelukkig maar, want die zorgtaxi was een ramp. Die vrijwilligers zijn erg geduldig en steunen je ook en dat geeft een veiliger gevoel.
Ik zie zo tegen de komende feestdagen op, lieve zus. Jij wilde zo graag nog kerstmis vieren, maar helaas. En dit jaar doe ik er helemaal niets aan, niet aan kerst, niet aan oud- en nieuwjaar, want 2018 was 1 grote ramp.
Ik zal zelfs geen kaarten versturen, maar gewoon die dagen zo snel mogelijk voorbij laten gaan.
Vannacht weer vreselijke hoestbuien gehad die mij voortdurend wakker houden en uitputten en dan moet ik steeds weer aan je denken.

Misschien straks
als de wind in een lentebries praat
bladeren bijna strelend fluisteren
en bloemen hun knoppen liefdevol ontsluiten
zal ik weten dat jij er bent
zo aanrakend dichtbij

dan zal ik je noemen
letter voor letter je naam blijven dopen
in alsmaar een inkt van liefde
om wie jij bent geweest

waar jouw aanwezigheid altijd parels strooide
daar moet ik je toch steeds weer kunnen ontmoeten
in de glans die zij lieten?

zeg me niet dat je verder weg bent
dan de einder aan mijn zicht
maar slechts een armlengte ver

en zeker weten
dat mijn oren zich zullen ankeren
aan de boezem van de stilte

om jou te horen als voorheen
maar dan in meer dan duizend echo’s

Ik hoop zo dat je nu ergens op een heel fijn plekje bent, bevrijd van al je lijden en pijnen. Jee, ik mis je nu al zo erg, wil je zo graag bellen of naar je toegaan, maar dat kan niet meer. Ach, lieve, lieve zus, hoe moet ik nu toch verder gaan?

Jouw laatste reis is aangevangen
hoe wreed voor jou bepaald
en niemand weet waarom
1 enkeltje per intercity
geen treinkaartje voor ons

uniek, warm mens
wie was meer moedig
dan jij in je gevecht
een strijd die je niet winnen kon
en voor je werd beslecht

tot aan je laatste zucht bescheiden
mijn grote voorbeeld, dappere zus
je wilde dolgraag nog wat leven
maar geen extra tijd werd je gegund

in alle kamers van mijn wezen
daar zul je altijd blijven wonen
in enkel liefde en in warmte
waarheen ik ga, ik neem je mee

en ga maar, ga nu maar naar het licht


zaterdag 10 november 2018

Dag lieve, lieve grote zus!





Vrijdag, 9 november 2018

Het was woensdagmorgen en Jan appte mij dat het helemaal niet goed met je ging. 
Ik moest weer naar de bestraling, maar ik besloot toch nog even bij je aan te keren, dat voelde als een zo sterke drang.  Je ademde heel snel en je lag met open ogen en open mond, te zwak om die nog te sluiten. Ik streelde zachtjes je hoofd en zei keer op keer hoeveel ik van je hield en dat alles goed was, dat je straks naar het mooiste plekje zou gaan dat er bestond en je dus niet bang hoefde te zijn. 
Ik zei je dat je je geen zorgen hoefde te maken om Jan of mij, want dat wij ons wel zouden redden. Ik wilde verdikkie niet bij je weg, maar de zorgtaxi kon elk moment komen om mij naar het Erasmus in Dordrecht te brengen. En ik fluisterde je toe dat ik naar de bestraling moest, maar meteen weer naar je toe zou komen zodra ik terug was en of je dus op mij wilde wachten.
Verder adviseerde ik Jan toch maar het spoednummer te bellen om te vragen of die snelle ademhaling van je wel normaal was.
Ik moest toen dringend weg, want de chauffeur kon nu elk moment voor mijn deur staan en dus gaf ik je een paar kusjes op je voorhoofd en zei dat ik zo snel mogelijk terug zou komen.

Ik zat maar net  in de wachtkamer van de Radiologie toen mijn telefoon ging en ik zag dat het Jan was. Mijn hart bonsde bijna mijn lichaam uit van angst, want ik wist dat het niet veel goeds kon betekenen.
Met trillende handen nam ik op en Jan zei dat je net was overleden, om 09.00 uur. 
Je had dus niet op me gewacht, was stilletjes weggeglipt uit mijn leven. 
Ik kan niet eens onder woorden brengen hoe ik me voelde, hoe alles in mij kapot leek te gaan. Ik wilde er gewoon even niet meer zijn, wilde wegvluchten voor dat vreselijke nieuws, voor die hele tragedie waardoor ik je heen had moeten zien gaan. 
Altijd meer dan moedig, zonder klagen, bescheiden tot op het laatst. 
Dagen kon je al niet eens meer slikken, zelfs wat water kon je niet meer wegkrijgen en wij konden alleen nog maar je lippen bevochtigen om je wat verlichting te geven.
Je kon je ogen zelfs niet meer sluiten, zo verzwakt was je reeds en ach, hoe mager. De lieve radiologen daar hebben mij liefdevol opgevangen en daar ben ik ze erg dankbaar voor.
Toen ik eindelijk thuis was gebracht ben ik meteen naar je toe gegaan. 
Roos en haar vriend Martin waren er al en je schoonzus Cobie.
Roos heeft mij opgevangen en we zijn samen naar je toe gegaan.
Ik kuste keer op keer je voorhoofd, streelde je wangen en handen en je voelde al zo koud. Alsof je al zo lang bezig was geweest te sterven!
Ik probeerde je gebroken ogen te sluiten, maar dat lukte niet, ze gingen steeds weer open.

Verder is de hele dag langs mij heengegaan. Ik kon me alleen nog maar zo apathisch voelen, zo wereldvreemd van mezelf.
Zonder jou is er niets meer, lieverd. Het laatste dierbare is me ontnomen en waarom, in godsnaam waarom? Je hebt totaal geen kans gehad.
Ik wil je bellen en zeggen hoe ik me voel, wat er in me omgaat, maar nee, je bent er niet meer. Ik moet het nu helemaal alleen doen en dat voelt zo verlaten en leeg. En op het ogenblik kan ik alleen maar huilen en huilen. Vannacht werd ik wakker en ik kon niet meer slapen. Had enorme hoestbuien en last van mijn slokdarm en ik moest alsmaar aan jou denken.


Je ligt aan de overkant en Jan en ik zijn gisteren bij je geweest.
Je lag er zo mooi bij in je mooie kleding en ze hadden je ogen en mond gesloten. Maar nu was nog duidelijker te zien hoe broodmager en broos je door die terroriserende ziekte was geworden en dat voelde hartverscheurend. Jan wilde het pinengeltje, dat ik voor je gekocht had toen je in het ziekenhuis lag, aan je meegeven en op je kleding bevestigen. Hij bibberde zo erg dat ik het maar heb gedaan en het is triest hem zo ontredderd te zien.

Dinsdag is je afscheid en ik vraag me nu al af hoe ik die dag moet doorkomen! 
Toen je zo ziek was zei je ‘als je straks maar een mooi gedicht voor me schrijft’. Natuurlijk lieverd, dat had je niet eens hoeven zeggen. 
Het gedicht heb ik klaar, samen met wat ik je nog wil zeggen. 
Roos zal naast me staan, want of ik het kan volbrengen, ik weet het niet, maar zij zal het dan overnemen. Maar natuurlijk hoop ik dat ik zelf de kracht heb om jou, mijn lieve zus, te zeggen wat ik nog zeggen wil, het laatste wat ik nog voor je doen kan.
Gelukkig heb ik net op tijd weer bijna mijn oude stem terug, misschien wel als kleine troost voor jouw afscheid, wie zal het zeggen?

Ik kan alleen maar hopen dat je nu op het mooiste plekje bent wat er is, want dat heb je zo meer dan verdiend.
Mijn lieve, dierbare, grote zus, ik zal je zo ontzettend missen en hoe moet ik nu de kracht vinden om nog door te gaan? Alles lijkt nu alleen nog maar zinloos.


zondag 4 november 2018

Jouw hand op de mijne


Zondag, 4 november 2018



Je werd even wakker toen Jan zei dat ik er was. 
Ik boog me over je heen en zei ‘dag lieverd, je zussie is er, hoor’. 
Ik nam je hand in de mijne en ik zal nooit meer vergeten hoe jij met je zo zwakke krachten je andere broodmagere hand op de mijne legde en zo bleef liggen en er kwam zelfs een klein glimlachje om je mond.
Je deed je ogen open en je bleef Jan en mij maar aanstaren en we vroegen of je drinken wilde en je knikte. Jan gaf je drinken met het theelepeltje. Dan moet je hoofd wat schuin gelegd en het water moet hij dan naar binnen sijpelen in je andere wang, zodat je je niet kan verslikken.
En Jan vertelde dat je ’s morgens ook al zo’n glimlachje tegen hem had laten zien toen hij bij je kwam en zei ‘dag, mijn lieve koninginnetje’.

Je kan niet meer praten, al probeer je dat met alle macht nog wel, maar het is niet meer te verstaan en dat moet je vast frustreren en het frustreert ook ons. We blijven raden naar wat je zeggen wil, maar zitten er vaak nog naast.
Ik ben even bij je weggegaan, want de thuiszorg en de pijnpoli moesten met je aan de gang en dan lopen wij maar in de weg. En straks komt er weer bezoek voor je en dan wordt het allemaal te druk. Maar eind van de middag ga ik weer naar je toe, lieve schat en dan zijn we weer even met elkaar.

Heel af en toe word je even wakker, maar dan sus je weer weg in een diepe slaap. Gisteren heb ik de zusters gevraagd waarom je steeds met je mond open ligt, want ik was bang dat je het benauwd had. Maar dat is niet het geval, zeiden ze. Je bent al zo verzwakt dat je zelfs je mond niet meer kan dichtdoen.
Als ik toch een wonder kon doen, lieve zus, o, dan zou ik dat onmiddellijk voor jou doen, al kostte het mijn leven. 
Ik mis nu al je babbels, ons schaterlachen met elkaar, onze uitjes samen, onze vertrouwde gesprekken.
Steeds weer zeg ik je hoeveel ik van je hou, wat je voor mij betekent en dat je de liefste zus ter wereld voor me bent, dat je er altijd voor me geweest bent en altijd voor me hebt gezorgd. Daar waar ik me soms geen raad wist, wist jij altijd raad, stond je klaar met wijze adviezen en was je de schouder waarop ik kon uithuilen.
Ik zie hoeveel verdriet Jan om je heeft en hij soms bijna stikt omdat hij niet wil huilen en het geluid van zijn snikken probeert tegen te houden.
En dan voel ik mij nog machtelozer dan machteloos.

In korte tijd ben ik wel 30 jaar ouder geworden en het lijkt alsof ik de zon nooit meer zal zien schijnen. Niets is nu nog belangrijk, niets doet er nog toe.
Het valt me opeens op om hoeveel onbenulligheden mensen zich druk maken, terwijl ik me voorheen daar net zo druk om maakte.
Maar niets is nog belangrijk als je dierbare zo lijdt en zal gaan sterven.
Je zou er alles voor over hebben om je doodzieke dierbare te helpen, maar je voelt je alleen maar nietig en klein en zo verdomde machteloos.
Hoe moeten Jan en ik straks zonder jou verder gaan, lieve Suzette, hoe? 
Elke dag zal ik naar je toe willen gaan of je willen bellen, maar dat zal niet meer mogelijk zijn. En o, wat een leegte zal ik dan voelen en wat een alleen zijn.
Ik mis je nu al, wil je horen praten, horen lachen, grapjes horen maken, plannetjes horen maken voor kerstmis en andere feestelijkheden. 
Ach, lieve, lieve zus, 2018, wat een rampjaar!