zaterdag 7 november 2020

7 november



Op mijn ziel geëtst

7 november

naast 23 maart

twee dagen waarop

zelfs de zon mij kastijdt

 

denken aan jou, lieve zus

en aan mama en alsmaar het

snijden voelen van een tergend gemis

 

zal ik ooit nog de vogels

kunnen zien vliegen en de knoppen

van de bloemen zien opengaan

 

hoe ga je om met herinneringen

die nooit meer realiteit zullen zijn

 

zal ik ooit nog de vogels kunnen zien vliegen?

 

 


vrijdag 30 oktober 2020

Het inloophuis

 


Het lijkt de beste stap die ik na lange tijd  en veel wikken en wegen heb genomen. Me aanmelden bij het Inloophuis in Krimpen. Zal ik, zal ik niet en o jee, als er maar niet steeds over onze ziekte wordt gesproken. Het duurde een tijdje, maar toen realiseerde ik me dat het zo ook niet langer ging en ik voelde ook helemaal geen echte vooruitgang bij die maatschappelijke ondersteuning. Dus ik sprak mezelf eens ernstig toe ‘vooruit nu, opschieten, als het je niet bevalt, dan kan je altijd nog zo de deur uitlopen’, dus wat let je?’

En twee weken geleden me dus aangemeld per email en ik werd al meteen gebeld door de manager en een medewerkster. Ik wilde meedoen aan de trainingen Mindfulness en of dat wel kon als je in Schoonhoven woont. Was geen enkel probleem, elke lotgenoot in de Krimpenerwaard was welkom.
Vorige week voor het eerst dus geweest en het was bijna ontroerend zo lief als ik ontvangen werd door de twee gastvrouwen en vrijwilligers aldaar. Om 14.00 uur kreeg ik de eerste Mindfulness en ik had nooit gedacht zo rustig te kunnen worden met al die onrust en spanning in mijn lijf. We kregen huiswerk mee, een boekwerk en een app en we moeten elke dag minstens een half uurtje ermee bezig zijn en dat is me tot heden aardig gelukt.

Vorige week zei ik dat ik het jammer vond dat de ontspanningsmassage samenviel met de Mindfulnesstrainingen, maar ook daar hadden ze meteen een oplossing voor. Ze schreven me in voor anderhalf uur daarvoor en aansluitend kon ik dan naar mijn Mindfulness.

Gisteren dus mijn eerste ontspanningsmassage gehad en jee, wat een weelde was dat. Het is een zachte massage, speciaal gericht op kankerpatiënten en binnen een mum van tijd raakte mijn hele lichaam ontspannen en dacht ik werkelijk nergens meer aan dan alleen maar aan die vredige sfeer waarin ik terechtkwam. Na afloop zei Jasmijn, de masseuse, dat ik me meteen mocht inschrijven voor volgende week en daar hoefde ik natuurlijk niet over na te denken.

Daarna naar de tweede mindfulness en die meditatie bracht wel veel emotie boven. Een  hoop ballast van ons leven kwam boven en voor het eerst in mijn even kon ik huilen vanuit mijn ziel en het mocht. Ik stikte er bijna in, alsof alles vanuit mijn tenen opborrelde. Ik probeerde het tegen te houden, maar ze bleven me stimuleren alle spanning los te laten en eruit te laten vloeien. Mijn leven lang sterk moeten zijn en het voelde als zwakte me zo te moeten laten gaan. In eerste instantie ervaarde ik het als verschrikkelijk, maar later voelde het alsof al die ballast wat lichter was geworden. En die liefdevolle reacties  van die andere lotgenoten en de trainster, ze voelden als een warme deken.

Het was me het dagje wel en ook vandaag blijven al die begraven emoties komen. Het is zo uitputtend, maar ik weet nu ook dat het moet wil ik ooit vrede vinden in mezelf. Het is allemaal niet mijn schuld wat er is gebeurd in mijn leven, het is me helaas gewoon overkomen en ik moet leren aanvaarden dat ook ik een mens van waarde ben en dat Mindfulness me zal leren anders tegen situaties aan te kijken en ermee om te gaan. En alle dierbaren die ik zo plotseling kwijt ben geraakt en zo pijnlijk mis, ze zijn er nog steeds. Ik hoef alleen maar stil te zijn en proberen te luisteren. Het zal nog een lange weg zijn, maar ik ben op weg en dat is een goede zaak.

Hier zit ik dan me opgezwollen ogen die ik maar steeds onder kraan hou om ze weer in hun eigen proporties terug te brengen, want poeh, poe, ze zien er niet uit. Vandaag blijf ik dus thuis om de nodige rust te nemen en weer wat noodzakelijke energie op te bouwen. Ons huiswerk voor deze week? We moeten proberen naar kleine dingetjes in het leven proberen te kijken, te observeren hoe mooi en waardevol die zijn en ze helemaal in ons trachten op te nemen. Vanmorgen keek ik dus uit het raam en daar zag ik hem, de kleine, tengere boom die in prachtig rood zo stilletjes daar staat te bloeien. Niets ter wereld kan hem deren, zo tenger en bescheiden en kleiner dan al die andere reuzen van bomen, maar moedig staat hij daar, vol in zijn blad en in zijn kracht. Alle gif in de lucht, alle uitlaatgassen, alle agressie van levende wezens, storm of regen, hagel of wind of brandende zon, niets kan hem deren. Ik heb hem eerder gezien, maar nooit zo bekeken. Het was gewoon een boompje en verder niets voor mij. En nu, nu lijkt hij voor mij iets van een voorbeeld, zo is het, zo moet het zijn.

Het inloophuis met al die lieve, warme vrijwilligers en daarnaast lotgenoten met hun eigen ballast, waar alles een plaats mag hebben en krijgen en er niets is om je voor te schamen. Applaus voor al die vrijwilligers daar, die zich zo kosteloos inspannen ons leven aangenamer te maken. Alsof ik in een warm huis ben gekomen waar ik me eindelijk veilig kan voelen! Ik zie weer uit naar volgende week.


dinsdag 13 oktober 2020

dinsdag 1 september 2020

Al die bagage!

Vanmorgen met mijn weinige energie toch wat spullen uit mijn berghok beneden in mijn auto gezet om dat naar de afvalstortplaats in Lopik te brengen.
Heb ik natuurlijk weer. Daar aangekomen stond er al een auto voor de poort, dus ik er netjes achter. Opeens komt die auto steeds meer naar achteren, dus ik geef een flinke toeter, waarvan de bestuurder flink geschrokken bleek. Enfin, hij stapte uit en kwam naar mijn auto toe, waarop ik mijn raampje opende.

Hij zei me dat de werf gesloten was i.v.m. corona en pas morgen weer open was. Nou moe, weer al je spullen mee naar huis en terug in je berghok plaatsen!

Ik was op sterven na dood daarna. Maar ja, wat moet je als je overal alleen voor staat en je er een hekel aan hebt iemand om hulp te vragen. Wat dat betreft ben ik altijd onafhankelijk geweest en al moet ik ergens naar toe kruipen, het zal me zelf lukken iets voor elkaar te krijgen. In het ziekenhuis en in het revalidatiecentrum heb ik het medisch personeel ook menigmaal met open mond van verbazing laten staan en noemden ze mij een ongelooflijke  vechter. En ja, dat wordt je wel na alles wat je in je leven hebt moeten meemaken en dat is dus wel het goede wat voortkomt uit zoveel ellende.
Heb ik met de moed der wanhoop toch zelf weer wat voor elkaar gekregen, ja, dan ben ik wel enorm trots op mezelf, zeker weten.

Wat heb ik niet moeten doorstaan in mijn leven? Maar toch, ik sta er nog en ben er nog steeds. Zelfs de meest zware strijd in mijn leven vecht ik alleen en ik vraag mezelf vaak af waar al mijn kracht daarvoor nog vandaan komt?
Soms zie ik programma’s op televisie over mensen die dezelfde strijd voeren tegen kanker, maar zich zo gesteund weten door hun familie of vriendenkring.
Dan moet ik wel even huilen en mis ik de armen van mijn overleden moeder en zus om mij heen en het luisterende oor van mijn twee overleden hartsvriendinnen. Ze zijn allemaal weg en soms ben ik zelfs boos op ze dat ze mij hier alleen hebben achtergelaten. Achtergelaten met een strijd die ik tussen vier muren helemaal alleen moet strijden en liever dan ook had ik met ze meegegaan of willen ruilen.

Ik denk ook nog weleens aan die mensen die zich je familie of goede vrienden noemden en waarvan je plotseling zonder opgave van redenen zo laf niets meer hoort, alsof je opeens aan een besmettelijke ziekte lijdt. Zelfs mijn zwager heeft zich zo wreed van me afgekeerd omdat hij het me kwalijk neemt dat niet ik maar mijn zus is overleden! Ik kan me voorstellen dat je dat jammer vindt, omdat je vrouw nu eenmaal logischerwijs na bijna vijftig jaar huwelijk, zoveel meer voor je betekent dan een simpele schoonzus. Maar jee, wat kan ik eraan doen en moet je mij dan zo wreed opeens behandelen alsof ik het voor het zeggen had? Ik had mijn leven willen geven voor mijn zus, maar zelfs dat was mij niet vergund.
 
In een uiteindelijke confrontatie met hem waarin ik zoveel meer dan kwetsends tot in mijn ziel over me heen kreeg, heb ik definitief met hem gebroken. En het was niet zomaar, want ik heb er erg veel om moeten huilen, maar ik had gewoon geen keus meer na zoveel lelijks dat ik over me heen kreeg.
Hij presteerde het ook nog om de vrouw van zijn overleden broer en twee van mijn familieleden tegen me op te zetten, hoe een hypocriet ben je dan al die jaren geweest?

Ik besef nu meer dan ooit dat ik gewoon zelf debet ben aan het altijd slachtoffer worden van mensen hun nukken en kuren. Het is waar, ik heb altijd wel een grote mond, maar dan betreft het altijd zaken die ver van me afstaan. Is het dichtbij, dan heb ik altijd maar geslikt en gepikt, want dan vond ik het zo lullig hier en zo lullig daar om er wat van te zeggen en dat moet gewoon afgelopen zijn.

Ja, ik heb kanker en het is niet besmettelijk en niet gevaarlijk voor jou en als je zou komen hoef je niet te vragen hoe het met me gaat of wat dan ook wat je moeilijk zou vinden. In deze zware periode scheidt het kaf zich overduidelijk van het koren en nee, ik weiger verbitterd te raken, maar mijn deur zal voor die categorie nu wel voor altijd gesloten blijven. Aan zulke figuren wil ik mijn broodnodige energie geen seconde van mijn leven meer verspillen.

De familie van mijn vader, die zich altijd zo verheven voelde boven mijn moeder, Suzette en mij en die er nooit voor ons zijn geweest, dolen ook nog steeds door mijn gedachten.  Ik kan me bijvoorbeeld niet herinneren wanneer Suzette en ik als kinderen ooit maar een piepklein cadeautje van ze hebben gekregen voor onze verjaardag of alleen maar een vriendelijk woord. We bestonden gewoonweg niet voor ze. De verbazing ten top dus toen ik enkele jaren geleden door een broer van mijn vader, die zich altijd als een echte koloniaal kon gedragen, werd aangevallen omdat ik geen groot feest voor zijn 90e verjaardag had georganiseerd. Ik had dat verdomme voor mijn moeder toch ook gedaan toen ze 85 jaar werd? Toen ik hem duidelijk maakte dat dat mijn moeder was, nou, toen kreeg ik helemaal de wind van voren, waarna ik dus met de hooghartige man en zijn vrouw gebroken heb.

Gelukkig is er nog wel een kringetje dat mij trouw gebleven is en dat beschouw ik als iets kostbaars, alhoewel ik helaas altijd wel op mijn hoede blijf na zulke slechte ervaringen met mensen. 
Deze ziekte heeft me wel doen beseffen dat ik op zoek moest gaan naar de mens in me, die zich nooit voldoende waard gevonden voelde om er te mogen zijn. Die altijd maar dacht te moeten zwijgen over wat er werkelijk in haar omging en nooit een plaatsje durfde opeisen op deze aardbol. Ik wil geen vuilniszak meer zijn, die men zomaar aan de kant van de weg kan neergooien of een wezen dat je zomaar in de rug kan steken. Ik was er altijd voor mensen als ze me nodig hadden of hulp nodig hadden bij iets en ik hoef daarvoor geen dankbaarheid of wat dan ook, maar me te laten behandelen als een vuilniszak, nee, dat zal voorgoed verleden tijd zijn.

Misschien is alle ellende die ik moet meemaken mijn karma, maar als dat zo is, nou, dan heb ik daar inmiddels al meer dan dubbel en dwars voor betaald en het is wel genoeg geweest.
Hoeveel levenstijd ik nog heb, ik weet het niet, ik ben geen god of helderziende, maar de eventuele dagen die mij nog resten wil ik waardevol besteden en er zijn voor mezelf.

Wat heeft mij doen besluiten zo open te zijn op mijn blog? Ik las met warme belangstelling de verhalen van twee mensen op Facebook, die zo moedig waren daar hun verdrietige verhaal te doen en ik dacht ‘ja, zo moet het, alles eruit, openlijk afrekenen met alles wat je ziek maakt, eindelijk je mond opendoen en de waarheid loslaten op het papier, dat altijd je beste en trouwste vriend is gebleken. De waarheid de wereld in om voorgoed af te rekenen met wat je zoveel pijn heeft gedaan. 
Een begin te hebben gemaakt met het ontdoen van zoveel te zware bagage, het voelt eigenlijk wel heel goed!

zaterdag 15 augustus 2020

Jij, mijn moeder



Denken aan jou

en aan jouw wereld

van een treiterend oud verleden

waarvan de oorden eigenlijk

vaak ontoegankelijk bleven

 

zo getergd konden jouw

ogen mij antwoorden

wanneer mijn vragen

voorzichtig naar jou reikten

wát wil je toch weten?

 

in een verstilde worsteling

te willen vergeten van rood

kleurende velden en vogels

die neervielen uit inktzwarte lucht

 

kenmerkte jouw bestaan zich

door een eeuwige vlucht

uit de realiteit van een

nog aanklampende oude tijd

jij, mijn moeder, dappere vrouw

(Uit mijn gedichtenbundel 'En nu het stil geworden is')